Terugblik: wat speelt er bij inwoners?
De avond begon met een terugblik op recente bijeenkomsten waarbij de Klankbordgroep aanwezig was, zoals de straatgesprekken over passende zorg en welzijn in Middelburg. Uit deze gesprekken blijkt dat veel inwoners zich zorgen maken over de toekomst van de zorg. Zij vragen zich af of zorg betaalbaar en beschikbaar blijft. Ook denken inwoners steeds vaker na over wat zij zelf kunnen doen.
Daarnaast geven inwoners aan dat hulp vanuit de gemeente, zoals de Wmo, niet altijd makkelijk te vinden of te begrijpen is.
“Ik sprak een vrouw die vertelde dat het zorgproces rondom haar dementerende vader best zwaar voor haar was. Niet omdat de zorg slecht was – de huisarts deed het juist goed – maar alles eromheen kostte haar veel energie. Dat raakte me.”
— Rudi, Klankbordgroep Zorg Zeeland
Passende zorg en digitale zorg bij Adrz
Christine Francke en Koen de Theije vertelden namens Adrz over nieuwe manieren om zorg beter te laten passen bij het leven van patiënten. Zij lieten zien hoe digitale middelen hierbij kunnen helpen.
Zo wordt gebruik gemaakt van BeterDichtbij voor makkelijk contact tussen patiënt en ziekenhuis, en van Sanacoach voor zorg op afstand zoals thuismetingen. Daarnaast zijn er online vragenlijsten vooraf, online inchecken en zelfmeetkiosken, waar patiënten zelf metingen kunnen doen, zoals bloeddruk en gewicht.
Adrz werkt ook aan één duidelijk digitaal startpunt, waarin verschillende digitale apps samenkomen.
Niet iedereen kan of wil digitale zorg gebruiken. Daarom is er de DigiTuin: een plek waar mensen hulp krijgen bij het gebruik van digitale zorg. Vrijwilligers helpen hierbij en er is ook telefonische ondersteuning. De klankbordgroep stelde belangrijke vragen: Hoe zorg je dat niemand buitenspel raakt? En blijft papieren informatie beschikbaar? De conclusie was dat keuzevrijheid en persoonlijke hulp belangrijk blijven.
Ook werden voorbeelden gedeeld van zorg die slimmer wordt georganiseerd. Zo is er een speciale Spoedpoli Geriatrie waar kwetsbare ouderen terecht kunnen, zodat zij niet naar een drukke Spoedeisende Hulp (SEH) hoeven. Ook kunnen huisartsen patiënten met een mogelijke botbreuk direct doorsturen naar de radiologieafdeling voor een foto, zonder eerst naar de SEH te gaan. Dit zorgt voor minder drukte in het ziekenhuis en meer rust voor patiënten.
Enter: psychische zorg die past bij de persoon
Renske van Dorssen en Suzanne Lous van Emergis vertelden over project Enter. Dit is een project in de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ). Bij Enter staat de persoon centraal, niet alleen de diagnose. Renske en Suzanne vertelden over waar het project nu staat, nadat ze in de Klankbordgroepgroepbijeenkomst van 26 juni 2024 het project hadden geïntroduceerd.
Bij Enter wordt gekeken naar wat iemand nodig heeft, wat al goed gaat en hoe iemand met situaties omgaat. De behandeling bestaat uit losse onderdelen (modules) die passen bij de persoon. Zo kan iemand sneller starten en meer regie houden over zijn of haar behandeling.
Digitale zelfhulpmiddelen kunnen ondersteunen, maar persoonlijk contact blijft belangrijk.
Groepsgesprekken
Aan het einde van de avond gingen de deelnemers in twee groepen in gesprek. Zij bespraken hoe inwoners beter geholpen kunnen worden bij het maken van keuzes en het gebruik van modules. De ideeën worden gebruikt om projecten verder te verbeteren.
Vraag 1 – Hoe help je mensen bij het kiezen van geschikte modules?
De klankbordgroepleden gaven aan dat te veel keuzes tegelijk het lastig maakt om te starten met modules. Daarom helpt het om te werken met een beperkt aantal duidelijke opties, bijvoorbeeld een top 3 van beste keuzes, gebaseerd op de antwoorden van de cliënt. Andere modules kunnen later als optie worden aangeboden. Ook werd genoemd dat het kan helpen om modules te verdelen in thema’s.
Vraag 2 – Wat helpt bij herinneringen en hulp tijdens modules?
De klankbordgroepleden gaven aan dat één gerichte herinnering, gevolgd door persoonlijk contact, vaak effectiever is dan meerdere automatische meldingen. Te veel herinneringen kunnen juist als storend worden ervaren en averechts werken. Omdat behoeften hierin sterk verschillen, is het belangrijk om de frequentie en vorm van contact af te stemmen op de individuele cliënt en dit al bij de start expliciet uit te vragen. Maatwerk heeft daarbij de voorkeur boven vaste contactmomenten. Wanneer een cliënt niet reageert, is actieve opvolging nodig, bijvoorbeeld door telefonisch contact, met de mogelijkheid om op te schalen als de situatie daarom vraagt. Daarnaast helpt het om bij de start voldoende rust, tijd en duidelijke uitleg te bieden, zodat cliënten goed kunnen aanhaken en gemotiveerd blijven.
Vraag 3 – Wat helpt om de cliënt meer regie te geven in de zorg?
De klankbordgroepleden gaven aan dat regie toeneemt wanneer cliënten zelf keuzes kunnen maken in de frequentie en vorm van contact. Dit helpt om het traject beter te laten aansluiten op persoonlijke voorkeuren en behoeften. Ook werd benadrukt dat duidelijke communicatie over het nut en de urgentie van stappen belangrijk is om betrokkenheid te vergroten. Digitale tools, zoals vragenlijsten en intake, kunnen hierbij ondersteunen door vooraf inzicht en structuur te bieden. Daarnaast helpt snelle toegang tot zorg om motivatie vast te houden en uitval te voorkomen, terwijl het betrekken van naasten als aanvullende kans wordt gezien, maar nog verdere uitwerking vraagt.
Vraag 4 – Welke factoren zijn het belangrijkste in contact met een zorgverlener?
De klankbordgroepleden gaven aan dat vertrouwen en een persoonlijke klik met de zorgverlener essentieel zijn voor motivatie en betrokkenheid. Zonder deze basis is de kans groter dat cliënten afhaken. Tegelijk werd benoemd dat continuïteit niet per se afhankelijk hoeft te zijn van één vaste persoon. Werken met een vast team kan juist zorgen voor meer stabiliteit en flexibiliteit. Daarbij helpt het dat meerdere zorgverleners op de hoogte zijn, zodat cliënten niet telkens opnieuw hun verhaal hoeven te doen.